1. Probleemomschrijving & Reikwijdte
Overmatige trillingen in roterende machines zijn een kritieke indicator van operationele problemen die kunnen leiden tot catastrofale storingen, productieverlies en hoge reparatiekosten. Deze diagnostische handleiding richt zich op het systematisch identificeren van de hoofdoorzaken van verhoogde trillingsniveaus in industriële roterende apparatuur, inclusief pompen, ventilatoren, motoren, compressoren en generatoren. De symptomen variëren van hoorbaar geluid en voelbare schokken tot alarmmeldingen van machinebewakingssystemen.
Ernstclassificatie:
- Kritiek: Trillingsniveaus boven de alarmdrempel van ISO 10816-3 (Zone D), plotselinge toename van trillingen, oververhitting, rookontwikkeling, structurele schade. Onmiddellijke uitschakeling vereist.
- Major: Trillingsniveaus in de waarschuwingszone (Zone C), lichte toename van temperatuur, onregelmatige geluiden. Vereist onmiddellijke planning van onderhoud.
- Minor: Trillingsniveaus in de bewakingszone (Zone B), lichte afwijkingen van de basislijn. Vereist verhoogde monitoring en onderzoek tijdens gepland onderhoud.
2. Veiligheidsmaatregelen
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN:
- Lockout/Tagout (LOTO): Voer altijd de juiste LOTO-procedures uit volgens NEN 3140 en de interne bedrijfsrichtlijnen voordat u aan apparatuur werkt of deze inspecteert. Zorg ervoor dat alle energiebronnen (elektrisch, hydraulisch, pneumatisch) zijn geïsoleerd en vergrendeld.
- Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM): Draag te allen tijde de vereiste PBM, inclusief veiligheidsbril (EN 166), gehoorbescherming (EN 352), veiligheidshandschoenen (EN 388) en veiligheidsschoenen (EN ISO 20345).
- Restenergie: Wees bedacht op opgeslagen energie, zoals roterende massa’s, onder druk staande vloeistoffen of gassen, en gespannen veren. Wacht tot apparatuur volledig tot stilstand is gekomen en druk is ontlast voordat u ingrijpt.
- Hete oppervlakken: Roterende apparatuur kan hoge temperaturen bereiken. Gebruik thermische handschoenen indien nodig en wees voorzichtig om brandwonden te voorkomen.
- Bewegende delen: Houd handen en gereedschap uit de buurt van draaiende machineonderdelen. Schakel apparatuur nooit in zonder dat alle beveiligingskappen correct zijn gemonteerd.
3. Benodigde Diagnostische Hulpmiddelen
Een succesvolle diagnose van trillingsproblemen vereist het gebruik van gespecialiseerde meetapparatuur. De nauwkeurigheid van de metingen is essentieel voor een correcte interpretatie.
| Hulpmiddel | Specificatie / Model | Meetbereik | Doel |
| Trillingsanalysator met FFT-functie | SKF Microlog Analyzer, CSI 2140, Brüel & Kjær Vibro | 0.1 Hz – 40 kHz, 0.01-1000 mm/s RMS | Spectrumanalyse, faseanalyse, orbittraces voor gedetailleerde trillingsdiagnose. |
| Laseruitlijngereedschap | Pruftechnik Rotalign Ultra, SKF TKSA 71 | Nauwkeurigheid ± 0.01 mm | Precisie-uitlijning van askoppelingen. |
| Thermische camera | Flir T-series, Testo 883 | -20 °C tot 650 °C, nauwkeurigheid ± 2 °C | Detectie van oververhitting in lagers, koppelingen, motoren. |
| Stroboscoop | Monarch Instrument Nova-Strobe | 30 – 30.000 FPM (Flashes Per Minute) | Visuele inspectie van roterende delen onder bedrijfscondities (alleen op veilige afstand en met getraind personeel). |
| Multimeter | Fluke 87V, Metrel MI 3321 | VAC/VDC, A, Ω, Hz, temperatuur | Elektrische controles, sensorcontrole, weerstandsmetingen. |
| Tachometer (contact/non-contact) | SKF TKRT 20, Testo 460 | 1 – 99.999 RPM | Bepaling van de rotatiesnelheid. |
| Endoscoop | Olympus IPLEX, Bosch GIC 120 C | N/A | Visuele inspectie van moeilijk bereikbare interne componenten. |
4. Initiële Beoordelingschecklist
Voordat u met een diepgaande diagnose begint, is een zorgvuldige observatie en documentatie van de initiële symptomen en omstandigheden essentieel. Dit helpt bij het snel isoleren van de mogelijke oorzaken.
| Te Controleren / Op Te Nemen | Details | Opmerkingen |
| Bedrijfscondities | Toerental, belasting, temperatuur (omgeving, proces), druk. | Is de trilling aanwezig bij alle bedrijfscondities of alleen bij specifieke? |
| Recente wijzigingen | Onderhoudsactiviteiten, componentvervanging, proceswijzigingen, revisies. | Wanneer is de trilling begonnen? Is er een correlatie met een recente gebeurtenis? |
| Alarmgeschiedenis | Trillingsmonitorsystemen, PLC-logboeken. | Welke alarmen zijn geactiveerd? Zijn er trendgegevens beschikbaar? |
| Visuele inspectie | Losse bouten, beschadigde afschermingen, lekkages, oververhitting, ongewone slijtagepatronen, verkleuringen, vuilophoping. | Controleer de fundatie, ankerbouten, leidingwerk, koppelingen, riemen. |
| Geluid | Type geluid (ratelen, kloppen, gieren, zoemen), locatie van geluid. | Komt het geluid overeen met de trilling? |
| Lagers en afdichtingen | Temperatuur, geluid, lekkage van smeermiddel, visuele staat. | Normale bedrijfstemperatuur van lagers < 70°C. |
| Smeermiddel | Niveau, kleur, consistentie. | Is het juiste smeermiddel gebruikt? Is het verontreinigd? |
5. Systematische Diagnose Flowchart
De volgende stappen leiden een technicus door een logische diagnostische procedure met behulp van trillingsanalyse om de hoofdoorzaak van overmatige trillingen te isoleren. De kern van deze diagnose ligt in de analyse van trillingsspectra (Fast Fourier Transform – FFT).
- Identificeer de Trillingsfrequentie en Amplitude:
- Gebruik een trillingsanalysator (bijv. SKF Microlog) om trillingsdata te verzamelen (versnelling, snelheid, verplaatsing) op strategische punten (lagers, motorbehuizing) in radiale, axiale en verticale richtingen.
- Voer een FFT-analyse uit om het trillingsspectrum te verkrijgen.
- IF dominante piek bij 1x RPM (Rotaties Per Minuut) van de as:
- Probeer of de trilling lineair toeneemt met het toerental.
- IF ja: Ga naar 5.2 (Onbalans).
- IF nee, of 1x RPM dominant, maar ook andere pieken: Ga naar 5.3 (Uitlijnfouten).
- IF dominante piek bij 2x RPM van de as (of 3x, 4x):
- Ga naar 5.3 (Uitlijnfouten).
- IF pieken bij hogere frequenties (meestal niet-harmonischen van RPM) of bij specifieke lagerfrequenties (BPFI, BPFO, FTF, BSF):
- Ga naar 5.4 (Lagerdefecten).
- IF pieken bij niet-synchrone frequenties, of frequente harmonischen van netfrequentie (50/100 Hz), of processpecifieke frequenties:
- Ga naar 5.5 (Resonantie, Mechanische losheid, Elektrische problemen).
- IF brede band ruis of onregelmatige pieken over het hele spectrum:
- Ga naar 5.6 (Smeringsproblemen, Cavitatie, Overige).
- Diagnose Onbalans:
- Symptoom: Dominante piek op 1x RPM in het spectrum, voornamelijk in radiale richting. Toename van trilling met het kwadraat van het toerental.
- Test: Voer een faseanalyse uit met de trillingsanalysator.
- Verwacht Resultaat: Consistente fasehoek met 1x RPM op alle meetpunten aan dezelfde zijde van de koppeling.
- Oplossing: Ga naar 7.1 (Onbalans).
- Diagnose Uitlijnfouten:
- Symptoom: Dominante pieken op 1x RPM en/of 2x RPM, en/of 3x RPM in het spectrum. Axiale trillingen kunnen prominent zijn bij hoekfouten.
- Test: Gebruik een laseruitlijngereedschap.
- Verwacht Resultaat: Afwijkingen in parallelle of hoekuitlijning groter dan de toleranties van de koppeling (bijv. > 0.05 mm parallel offset, > 0.05 graden hoekfout).
- Oplossing: Ga naar 7.2 (Uitlijnfouten).
- Diagnose Lagerdefecten:
- Symptoom: Hoge frequentie pieken die vaak niet-harmonisch zijn met het as-toerental. Specifieke lagerfrequenties (BPFI, BPFO, FTF, BSF) zijn detecteerbaar in het spectrum. Soms brede band ruis.
- Test: Geavanceerde trillingsanalyse (enveloping, schokpuls) en akoestische emissie.
- Verwacht Resultaat: Duidelijke pieken op lagerfrequenties in het envelopspectrum, verhoogde schokpulswaarden.
- Oplossing: Ga naar 7.3 (Lagerdefecten).
- Diagnose Resonantie, Mechanische Losheid, Elektrische Problemen:
- Resonantie:
- Symptoom: Trillingsamplitude die significant toeneemt bij een specifiek toerental dat overeenkomt met een natuurlijke frequentie van het systeem. Weinig verandering in fasehoek over de resonantie.
- Test: Rampsnelheidstest (op- en aftoeren) met trillingsanalyse. Impacttest (tap test) op stilstaande machine.
- Verwacht Resultaat: Zeer hoge 1x RPM of 2x RPM piek bij de natuurlijke frequentie.
- Oplossing: Ga naar 7.4 (Resonantie).
- Mechanische Losheid:
- Symptoom: Harmonischen van 1x RPM (2x, 3x, 4x), vaak met een onstabiel fasebeeld. As-baan kan vervormd zijn (afgeplat).
- Test: Trillingsmeting op fundatie en behuizing, visuele inspectie van ankerbouten, stroboscoop.
- Verwacht Resultaat: Hoge trilling op behuizing, lage trilling op fundatie (Type A: losheid fundatie). Consistente trilling op behuizing en fundatie, maar hoge trilling op lagerstoel (Type B: losheid lagerstoel).
- Oplossing: Ga naar 7.5 (Mechanische Losheid).
- Elektrische Problemen (motoren):
- Symptoom: Pieken op 1x of 2x de netfrequentie (50 Hz / 100 Hz), slipfrequenties (poolpassfrequenties). Variaties in de 1x RPM piek.
- Test: Stroomanalyse, visuele inspectie motorwikkelingen (endoscoop), thermische camera.
- Verwacht Resultaat: Stroomonbalans, oververhitting van wikkelingen, vonken.
- Oplossing: Ga naar 7.6 (Elektrische Problemen).
- Resonantie:
- Diagnose Smeringsproblemen, Cavitatie, Overige:
- Smeringsproblemen:
- Symptoom: Vaak brede band ruis bij hoge frequenties, maar geen duidelijke pieken van lagerdefecten. Verhoogde wrijving en temperatuur.
- Test: Smeermiddelanalyse, thermische camera.
- Verwacht Resultaat: Slijtagedeeltjes in olie, verhoogde lagertemperatuur.
- Oplossing: Ga naar 7.7 (Smeringsproblemen).
- Cavitatie (pompen):
- Symptoom: Brede band ruis op hoge frequenties, vaak met sub-harmonischen. Kenmerkend ‘knisperend’ geluid.
- Test: Drukmetingen aan zuig- en perszijde, visuele inspectie waaier (endoscoop).
- Verwacht Resultaat: Lage zuigdruk, beschadigde waaierbladen.
- Oplossing: Ga naar 7.8 (Cavitatie).
- Smeringsproblemen:
6. Fout-Oorzaak Matrix
Deze matrix geeft een overzicht van veelvoorkomende symptomen, hun meest waarschijnlijke oorzaken en de diagnostische tests om deze te bevestigen.
| Symptoom (dominant in spectrum) | Probabele Oorzaken (likelihood) | Diagnostische Test | Verwacht Resultaat bij Bevestiging |
| 1x RPM radiaal | Onbalans (hoog), Uitlijnfout (medium), Gebogen as (laag) | Faseanalyse, Laseruitlijning | Onbalans: Consistente fasehoek 1x RPM. Uitlijnfout: Grote parallelle/hoekafwijking. |
| 2x RPM radiaal | Uitlijnfout (hoog), Mechanische losheid (medium) | Laseruitlijning, Trillingsmeting op fundatie | Uitlijnfout: Grote hoekafwijking. Mechanische losheid: Hoge trilling op behuizing, lage op fundatie. |
| 1x & 2x RPM axiaal | Uitlijnfout (hoog) | Laseruitlijning | Grote hoekafwijking. |
| Hoge frequentie, niet-synchroon | Lagerdefect (hoog), Smeringsprobleem (medium), Cavitatie (medium) | Enveloping, Schokpuls, Thermische camera, Smeermiddelanalyse | Lagerdefect: Pieken op BPFI/BPFO/FTF/BSF. Smering: Brede band ruis, oververhitting. Cavitatie: Brede band ruis, ‘knisperend’ geluid. |
| Brede band ruis | Smeringsprobleem (hoog), Cavitatie (hoog), Turbulente stroming (medium) | Smeermiddelanalyse, Drukmeting, Endoscoop | Smering: Verontreiniging. Cavitatie: Lage zuigdruk. |
| Sub-harmonischen (0.5x RPM) | Olieslip (hydrodynamische lagers), Mechanische losheid, Losse componenten | As-baan analyse, Visuele inspectie | Olieslip: As-baan instabiliteit. Mechanische losheid: Vervormde as-baan. |
| Pieken bij netfrequentie (50/100 Hz) | Elektrische problemen (motor), Losse statorwikkelingen | Stroomanalyse, Thermische camera | Stroomonbalans, oververhitting, vonken. |
| Trilling toeneemt bij specifiek toerental | Resonantie (hoog) | Rampsnelheidstest, Impacttest | Hoge trilling bij natuurlijke frequentie. |
| Trilling verandert plotseling | Verstopping, Plotselinge schade, Externe impact | Visuele inspectie, Procescontrole | Directe visuele schade, verandering in procesparameters. |
7. Hoofdoorzaakanalyse voor Elke Fout
7.1 Onbalans
Waarom het gebeurt: Onbalans is het gevolg van een ongelijke massaverdeling rond de rotatie-as van een component (bijv. waaier, poelie, motorrotor). Dit kan optreden door fabricagefouten, opeenhoping van vuil (waaiers), verlies van materiaal (slijtage, corrosie) of onjuiste montage. Als onbalans niet wordt gecorrigeerd, zal het een centrifugale kracht genereren die lineair toeneemt met het kwadraat van het toerental.
Hoe te bevestigen: Trillingsanalyse toont een dominante piek op 1x RPM in het spectrum, voornamelijk in radiale richting. Een faseanalyse zal een consistente fasehoek van de 1x RPM component laten zien over de lagerpunten aan dezelfde zijde van de onbalans. Dit onderscheidt het van uitlijnfouten waar fasehoeken vaker 180° verschuiven.
Schade indien onopgelost: Verhoogde belasting op lagers, versnelde slijtage van afdichtingen, fundaties en constructies. Kan leiden tot vermoeidheidsscheuren in assen en behuizingen. Verhoogd energieverbruik en ruis.
7.2 Uitlijnfouten
Waarom het gebeurt: Uitlijnfouten treden op wanneer de rotatie-assen van twee gekoppelde machines (bijv. motor en pomp) niet parallel zijn (parallelle offset) of niet in hetzelfde vlak liggen (hoekfout), of een combinatie hiervan. Dit kan worden veroorzaakt door onnauwkeurige montage, thermische groei (expansie bij bedrijfstemperatuur), fundatievervorming of zakkende fundatieplaten. Ook ‘soft foot’ (een van de machinevoeten maakt geen volledig contact met de fundatie) is een veelvoorkomende oorzaak.
Hoe te bevestigen: Laseruitlijning is de meest nauwkeurige methode om uitlijnfouten te kwantificeren. Trillingsanalyse toont dominante pieken op 1x, 2x en soms 3x RPM. Axiale trillingen zijn vaak significant, vooral bij hoekfouten. Een phaseanalyse kan 180° faseverschuivingen tonen tussen verticale metingen op dezelfde as aan weerszijden van de koppeling.
Schade indien onopgelost: Overmatige belasting op lagers, koppelingen en afdichtingen, wat resulteert in vroegtijdige slijtage en falen. Verhoogd energieverbruik, verhoogde bedrijfstemperatuur van lagers en koppeling, en mogelijke asbreuk.
7.3 Lagerdefecten
Waarom het gebeurt: Lagerdefecten zijn een van de meest voorkomende oorzaken van trillingen. Ze ontstaan door slijtage, onvoldoende of onjuiste smering, overbelasting, contaminatie (vuil, vocht), onjuiste installatie (te strakke passing, beschadiging bij montage) of materiaalmoeheid. Schade kan beginnen als een kleine put of scheur op de loopbaan of een rollend element en zal zich progressief verspreiden.
Hoe te bevestigen: Trillingsanalyse met hogere frequentie technieken zoals enveloping (peak detection of acceleration signal) of schokpulsmetingen zijn essentieel. Specifieke lagerfrequenties (BPFI – Ball Pass Frequency Inner Race, BPFO – Ball Pass Frequency Outer Race, FTF – Fundamental Train Frequency, BSF – Ball Spin Frequency) verschijnen als duidelijke pieken in het envelopspectrum wanneer een defect zich ontwikkelt. Thermische camera kan oververhitting van lagers detecteren.
Schade indien onopgelost: Progressieve schade aan lagers leidt tot verhoogde wrijving, oververhitting, interne schade aan de machine (bijv. as- of huisbeschadiging) en uiteindelijk tot catastrofale lagerstoring, wat kan leiden tot volledige machinestilstand.
7.4 Resonantie
Waarom het gebeurt: Resonantie treedt op wanneer een exciterende frequentie (bijv. 1x RPM of 2x RPM) overeenkomt met een natuurlijke frequentie van een machineonderdeel of de hele constructie. Dit kan leiden tot een aanzienlijke versterking van de trillingsamplitude, zelfs bij relatief kleine exciterende krachten. Oorzaken kunnen zijn: wijzigingen in constructie, verlies van stijfheid, wijziging van bedrijfsnelheid. De natuurlijke frequentie van een constructie kan variëren door temperatuur, belasting of materiaaleigenschappen.
Hoe te bevestigen: Een rampsnelheidstest (op- en aftoeren) zal laten zien dat de trilling dramatisch toeneemt wanneer de machine een specifiek toerental passeert dat overeenkomt met de natuurlijke frequentie. Een impacttest (tap test) op stilstaande apparatuur kan de natuurlijke frequenties van de componenten identificeren.
Schade indien onopgelost: Kan leiden tot structurele vermoeidheid, scheurvorming in machineframes, fundaties, leidingen en behuizingen. Snellere slijtage van andere componenten door de versterkte trilling. Langdurige resonantie kan de levensduur van de gehele installatie aanzienlijk verkorten.
7.5 Mechanische Losheid
Waarom het gebeurt: Mechanische losheid verwijst naar het onvoldoende vastzitten van componenten, zoals losse ankerbouten, gebarsten fundaties, versleten lagerzittingen, losse behuizingsonderdelen of losse passtukken. Dit creëert een ‘speling’ in het systeem, waardoor beweging mogelijk is die onder normale bedrijfscondities niet zou mogen optreden. Dit kan leiden tot niet-lineaire trillingskarakteristieken.
Hoe te bevestigen: Trillingsanalyse toont vaak harmonischen van 1x RPM (2x, 3x, 4x RPM) met een onstabiel fasebeeld. Een as-baan analyse kan een vervormde as-baan (afgeplat, dubbele lus) tonen. Een visuele inspectie en handmatig controleren van alle bevestigingen (bouten, moeren) zijn essentieel. Trillingsmetingen op de fundatie en de machinebehuizing kunnen verschillen in amplitude aantonen die wijzen op losheid.
Schade indien onopgelost: Verhoogde spanning op aangrenzende componenten, versnelde slijtage van lagers en assen, mogelijk breken van machineonderdelen. Kan leiden tot verplaatsing van de machine op zijn fundatie en het veroorzaken van uitlijnfouten.
7.6 Elektrische Problemen (Motoren)
Waarom het gebeurt: Elektrische problemen in motoren kunnen aanzienlijke trillingen veroorzaken. Veelvoorkomende oorzaken zijn ongelijke luchtspleet (rotor excentriciteit), defecte rotorstaven (gebroken of gescheurd), statorwikkelingsfouten (kortsluiting, open circuit), faseonbalans, of problemen met de gelijkstroommotor (collector, koolborstels). Deze problemen genereren elektromagnetische krachten die mechanische trillingen veroorzaken.
Hoe te bevestigen: Trillingsanalyse toont pieken op 1x of 2x de netfrequentie (50 Hz / 100 Hz in Europa) of specifieke harmonischen, inclusief zijbanden gerelateerd aan de slipfrequentie (bijv. 2x lijnfrequentie minus 1x RPM). Stroomanalyse van de motor kan stroomonbalans of karakteristieke frequenties van rotorstaafdefecten aan het licht brengen. Thermische camera kan oververhitte wikkelingen of hotspots detecteren. Multimeter voor weerstandsmetingen.
Schade indien onopgelost: Oververhitting van de motor, verhoogd energieverbruik, verminderd rendement, snelle degradatie van isolatie, en uiteindelijk motorstoring. Kan ook leiden tot verhoogde trillingen die andere machinecomponenten beïnvloeden.
7.7 Smeringsproblemen
Waarom het gebeurt: Onvoldoende of onjuiste smering is een primaire oorzaak van vroegtijdige slijtage van lagers en andere roterende componenten. Dit kan variëren van te weinig smering, gebruik van het verkeerde type smeermiddel, verontreiniging van het smeermiddel (met vuil, water, verkeerde oliën), tot overmatige smering (‘overgreasing’) die kan leiden tot oververhitting door overmatige wrijving. Een goede smering is essentieel om wrijving en slijtage te minimaliseren.
Hoe te bevestigen: Vroege indicaties zijn vaak brede band ruis op hogere frequenties, vergezeld van een verhoogde bedrijfstemperatuur van het lager, detecteerbaar met een thermische camera (alarmlimiet > 70°C of 20°C boven de basislijn). Smeermiddelanalyse (olië of vet) kan de aanwezigheid van slijtagedeeltjes, water of andere verontreinigingen bevestigen, evenals de degradatie van het smeermiddel zelf.
Schade indien onopgelost: Verhoogde wrijving leidt tot oververhitting en versnelde metaal-op-metaal slijtage. Dit veroorzaakt putcorrosie, groeven en oppervlaktevermoeidheid op de loopbanen en rollende elementen van lagers, wat uiteindelijk leidt tot lagerstoring.
7.8 Cavitatie (Pompen)
Waarom het gebeurt: Cavitatie in pompen treedt op wanneer de absolute druk aan de zuigzijde van de waaier daalt tot onder de dampdruk van de vloeistof. Dit leidt tot de vorming van dampbellen, die vervolgens imploderen wanneer ze in een gebied met hogere druk terechtkomen. De implosie van deze bellen genereert lokale drukgolven en schokken die niet alleen leiden tot lawaai en trillingen, maar ook fysieke schade aan de waaier veroorzaken. Oorzaken zijn: te hoge zuighoogte, verstopping in de zuigleiding, te kleine zuigleiding, te hoge vloeistoftemperatuur, verkeerde pompselectie.
Hoe te bevestigen: Trillingsanalyse toont een brede band ruis op hoge frequenties, vaak met sub-harmonischen, zonder duidelijke pieken gerelateerd aan lagerdefecten. Het karakteristieke ‘knisperende’ geluid, alsof er grind door de pomp gaat, is een duidelijke indicator. Drukmetingen aan de zuig- en perszijde zullen een te lage zuigdruk aantonen. Een visuele inspectie van de waaier met een endoscoop kan erosieschade door imploderende bellen (putjes, putjes) bevestigen.
Schade indien onopgelost: Ernstige erosie van de waaier en het pomphuis, verminderd rendement en capaciteit van de pomp, verhoogde trillingen en geluid, en uiteindelijk structurele schade en pompstoring.
8. Stap-voor-Stap Oplossingsprocedures
8.1 Onbalans Correctie (Dynamisch Balanceren)
Veiligheidswaarschuwing: Alleen uitvoeren door getraind personeel. Zorg voor veilige werkomgeving en respecteer machineafschermingen.
- Voorbereiding:
- Zorg voor schone, toegankelijke balanceervlakken.
- Identificeer veilige locaties voor het aanbrengen/verwijderen van correctiegewichten.
- Eerste Run (Initial Reading):
- Plaats accelerometers (trillingssensoren) en een toerenmeting/fasesensor.
- Laat de machine draaien op bedrijfstoerental.
- Meet de initiële 1x RPM trillingsamplitude en fase.
- Proefgewicht Run:
- Stop de machine, isoleer stroom (LOTO).
- Breng een bekend proefgewicht aan op een gedefinieerde positie op het balanceervlak.
- Start de machine opnieuw en meet opnieuw de 1x RPM trillingsamplitude en fase.
- Berekening:
- Gebruik de trillingsanalysator (met balanceerfunctionaliteit) om de benodigde correctiegewicht(en) en hun posities te berekenen op basis van de initiële en proefgewichtmetingen.
- Correctiegewicht Aanbrengen:
- Stop de machine, isoleer stroom (LOTO).
- Breng de berekende correctiegewichten aan (of verwijder materiaal) op de berekende posities. Zorg voor een veilige en permanente bevestiging.
- Controle Run:
- Start de machine en controleer de trillingsniveaus.
- Verificatie: De 1x RPM trillingsamplitude moet gereduceerd zijn tot binnen de acceptabele grenzen van ISO 10816-3 (Zone B of C, afhankelijk van de machineklasse) of tot < 2.8 mm/s RMS (voor Klasse II machines).
- Herhaal stappen 3-6 indien nodig tot de gewenste balans is bereikt.
8.2 Uitlijnfout Correctie (Laseruitlijning)
Veiligheidswaarschuwing: Volg LOTO-procedures. Laser kan oogschade veroorzaken, draag altijd veiligheidsbril conform EN 207/208.
- Voorbereiding:
- Reinig fundatieplaten en machinevoeten.
- Controleer op ‘soft foot’ (meet trilling op elke voet tijdens vastzetten bouten; een verandering van > 0.05 mm is problematisch). Corrigeer eventuele ‘soft foot’ door vulplaatjes.
- Verwijder vuil en bramen onder de machinevoeten.
- Montage Lasersysteem:
- Bevestig de laserzenders/ontvangers op de assen of koppelingen volgens de instructies van de fabrikant (bijv. op 90° rotatiepositie).
- Meting:
- Draai de assen naar de voorgeschreven meetposities (bijv. 9-12-3 uur).
- Het lasersysteem meet de afwijking in parallelle en hoekuitlijning.
- Correctie:
- Het lasersysteem berekent de benodigde verticale correctie (vulplaatjes onder machinevoeten) en horizontale correctie (verplaatsing van de machine).
- Verticale Correctie: Breng precisiemetalen vulplaatjes (shims) van de juiste dikte aan/verwijder deze onder de machinevoeten.
- Horizontale Correctie: Verplaats de machine horizontaal met behulp van stelschroeven of hydraulische krikken.
- Verificatie:
- Herhaal de meting na elke significante correctie.
- Verificatie: De uitlijning moet binnen de toleranties van de koppeling en/of OEM-specificaties vallen (bijv. < 0.03 mm parallel offset, < 0.02 graden hoekfout bij 3000 RPM).
- Draai alle ankerbouten aan met het juiste koppel (raadpleeg de specificaties, bijv. DIN 912 M16 bouten vereisen typisch 195 Nm).
8.3 Vervanging van Lagers
Veiligheidswaarschuwing: LOTO vereist. Hanteer lagers met zorg om beschadiging te voorkomen. Gebruik geschikt hefgereedschap.
- Demontage:
- Isoleer de machine (LOTO).
- Demonteer koppeling en behuizingen.
- Verwijder het oude lager met geschikte gereedschappen (lageruittrekkers, inductieverhitting). Voorkom beschadiging van de as.
- Inspectie en Reiniging:
- Reinig de lagerzittingen op de as en in het huis grondig.
- Inspecteer de as en het huis op beschadigingen (slijtage, groeven, ovaalvorming).
- Montage Nieuw Lager:
- Correcte verwarming: Verwarm het nieuwe lager tot 80-100°C (inductieverhitter of oliebad, NOOIT open vuur) voor montage op de as. Dit zorgt voor een gecontroleerde thermische expansie.
- Monteer het lager met de juiste montagekracht en -richting. Gebruik alleen kracht op de te monteren lagerring (bij as: binnenring; bij huis: buitenring).
- Gebruik de juiste gereedschappen (montagesets, pers).
- Smering en Afdichting:
- Breng de juiste hoeveelheid en type smeermiddel aan (vet of olie) volgens OEM-specificaties.
- Controleer de afdichtingen en vervang deze indien nodig om contaminatie te voorkomen.
- Montage en Verificatie:
- Monteer de machine opnieuw, inclusief uitlijning (zie 8.2).
- Verificatie: Voer een proefdraai uit en controleer de trillingsniveaus met de trillingsanalysator. Deze moeten binnen ISO 10816-3 Zone A/B vallen (bijv. < 1.8 mm/s RMS). Controleer de lagertemperaturen (< 70°C).
8.4 Resonantiebeheersing
Veiligheidswaarschuwing: Veranderingen aan de constructie kunnen de stabiliteit beïnvloeden. Raadpleeg constructie-experts.
- Stijfheidsverandering:
- Verhoog de stijfheid van het machineframe of de fundatie door extra verstevigingen, steunen of dunnere vulplaatjes (‘hard shimming’).
- Dit verhoogt de natuurlijke frequentie weg van de exciterende frequentie.
- Massaverandering:
- Voeg massa toe aan het vibrerende component. Dit verlaagt de natuurlijke frequentie.
- Dit kan echter ook andere problemen introduceren (onbalans, verhoogde traagheid), zorgvuldige engineering is vereist.
- Dempen:
- Installeer trillingsdempers of visco-elastisch materiaal om de trillingsenergie te absorberen.
- Toerental aanpassen:
- Indien mogelijk, wijzig het bedrijfstoerental om te voorkomen dat het samenvalt met de natuurlijke frequentie. (Alleen mogelijk als proces dit toelaat en VFD aanwezig is).
- Verificatie:
- Verificatie: Voer een nieuwe rampsnelheidstest uit om te bevestigen dat de resonantiepiek is verschoven of verminderd. De trillingsniveaus op bedrijfstoerental moeten binnen acceptabele grenzen vallen.
8.5 Correctie Mechanische Losheid
- Opsporen en Aandraaien:
- Identificeer alle losse bouten, moeren en bevestigingen door visuele inspectie en handmatige controle.
- Draai alle bevestigingen aan met het juiste koppel (raadpleeg specificaties). Gebruik bij voorkeur momentsleutels (ISO 6789).
- Fundatie-inspectie:
- Controleer de fundatie op scheuren, erosie of onvoldoende stijfheid.
- Repareer de fundatie indien nodig of voeg extra versteviging toe.
- Soft Foot Correctie:
- Voer een ‘soft foot’ meting uit met een laseruitlijnsysteem of meetklok.
- Corrigeer door het plaatsen van precisiemetalen vulplaatjes onder de losse voet(en) zodat alle voeten stevig contact maken met de fundatie.
- Vervanging van Versleten Componenten:
- Vervang versleten lagerzittingen, lagers, behuizingen of andere componenten die speling veroorzaken.
- Verificatie:
- Verificatie: Na correctie, meet de trillingen opnieuw. Harmonischen van 1x RPM moeten aanzienlijk zijn gereduceerd en het fasebeeld moet stabiel zijn.
8.6 Oplossing Elektrische Problemen
Veiligheidswaarschuwing: Werken aan elektrische installaties vereist specifieke training en certificering (NEN 3140). Volg LOTO.
- Inspectie Voeding:
- Controleer de spanning en stroombalans op de drie fasen met een multimeter of stroomtang. Afwijkingen van > 2% kunnen problemen veroorzaken.
- Controleer aansluitingen op oxidatie of losheid.
- Motorwikkeling Inspectie:
- Isoleer de motor (LOTO).
- Meet de wikkelingsweerstand met een multimeter. Vergelijk met specificaties.
- Voer een isolatietest uit (megger) om de isolatiestatus te controleren.
- Visuele inspectie van de wikkelingen (endoscoop) op verkleuring, brandplekken of losse wikkelingen.
- Rotor Inspectie:
- Bij stilstand, inspecteer de rotor op gebroken of gescheurde rotorstaven. Dit kan een demontage van de motor vereisen.
- Luchtspleet Controle:
- Meet de luchtspleet tussen stator en rotor op verschillende posities. Onregelmatigheden wijzen op excentriciteit.
- Verificatie:
- Verificatie: Na herstel of vervanging, start de motor en controleer de trillingsniveaus en stroombalans. De trillingspieken op netfrequenties moeten aanzienlijk zijn gereduceerd.
8.7 Smeringsstrategie Optimalisatie
- Smeerschema Herzien:
- Controleer en herzie het smeerschema. Zorg voor het juiste type smeermiddel (viscositeit, additieven) en de juiste frequentie en hoeveelheid smeermiddel.
- Smeermiddelanalyse:
- Regelmatige smeermiddelanalyse om de kwaliteit van het smeermiddel te controleren en vroege tekenen van slijtage of contaminatie te detecteren.
- Reiniging en Flushing:
- Voer indien nodig een systeemreiniging en flushing uit om verontreinigingen te verwijderen.
- Afdichtingen Controleren en Vervangen:
- Controleer alle afdichtingen op schade en vervang deze om contaminatie te voorkomen.
- Verificatie:
- Verificatie: De lagertemperaturen moeten stabiliseren binnen de normale bedrijfslimieten (< 70°C). Trillingsmetingen moeten een afname van brede band ruis op hoge frequenties laten zien.
8.8 Cavitatie Preventie en Oplossing
- Zuigdruk Optimalisatie:
- Controleer en optimaliseer de Netto Positieve Zuighoogte (NPSH) van de installatie. Zorg dat NPSHa (beschikbaar) altijd groter is dan NPSHr (vereist) met een veilige marge (bijv. NPSHa > 1.3 x NPSHr).
- Verhoog de vloeistofstand aan de zuigzijde.
- Verminder wrijvingsverliezen in de zuigleiding (grotere diameter, minder bochten, reinig verstoppingen).
- Vloeistoftemperatuur Beheersing:
- Verlaag de vloeistoftemperatuur indien mogelijk, aangezien een hogere temperatuur de dampdruk verhoogt.
- Pompselectie Herzien:
- Controleer of de pomp correct is geselecteerd voor de specifieke bedrijfscondities (flow, druk, vloeistofkarakteristieken).
- Operatie buiten het ‘Best Efficiency Point’ (BEP) kan cavitatie bevorderen.
- Waaier Inspectie en Reparatie/Vervanging:
- Inspecteer de waaier op erosie of schade veroorzaakt door cavitatie. Repareer of vervang indien nodig.
- Verificatie:
- Verificatie: Trillingsmetingen moeten een significante reductie van brede band ruis op hoge frequenties laten zien. Het ‘knisperende’ geluid moet verdwenen zijn. Drukmetingen bevestigen adequate zuigdruk.
9. Preventieve Maatregelen
Preventieve maatregelen zijn essentieel om de levensduur van roterende apparatuur te verlengen en onverwachte storingen te minimaliseren. Naleving van EN 13306 (Onderhoudsterminologie) en ISO 14224 (Betrouwbaarheid en onderhoud van apparatuur) wordt aanbevolen.
| Hoofdoorzaak | Preventiestrategie | Monitoring Methode | Aanbevolen Interval |
| Onbalans | Regelmatig reinigen van roterende onderdelen (waaiers), kwaliteitscontrole bij reparaties. | Periodieke trillingsmetingen (1x RPM). | Elke 3-6 maanden of na elke revisie/reparatie. |
| Uitlijnfouten | Precisie laseruitlijning na installatie en onderhoud, controle fundatie. | Periodieke laseruitlijningscontroles, trillingsmetingen (1x, 2x RPM). | Jaarlijks of na elke demontage/montage. |
| Lagerdefecten | Juiste smering (type, frequentie, hoeveelheid), smeermiddelanalyse, correcte montage. | Trillingsanalyse (enveloping, schokpuls), temperatuurmonitoring, oliemonsters. | Maandelijks tot driemaandelijks (afhankelijk van kritikaliteit). |
| Resonantie | Regelmatige inspectie van constructie en fundatie op verlies van stijfheid. | Impacttesten (indien veranderingen), trillingsmetingen tijdens opstart/uitschakeling. | Elke 2-3 jaar of bij structurele wijzigingen. |
| Mechanische Losheid | Regelmatige controle van aanhaalkoppels van bevestigingen, ‘soft foot’ controle. | Visuele inspectie, thermische camera (frictiepunten), trillingsanalyse (harmonischen). | Elke 6-12 maanden of tijdens gepland onderhoud. |
| Elektrische Problemen | Regelmatige elektrische inspecties (spanning, stroom, weerstand), thermische inspectie. | Stroomanalyse, thermografie, isolatietesten. | Jaarlijks. |
| Smeringsproblemen | Strikt smeerschema, correcte smeermiddelselectie, contaminatiebeheersing. | Oliemonsteranalyse, temperatuurmonitoring van lagers. | Elke 3-6 maanden (oliemonsters). |
| Cavitatie | Controle NPSHa/NPSHr, zuigzijde inspectie, juiste pompselectie. | Drukmetingen, visuele inspectie, trillingsmetingen. | Tijdens elke pompinspectie of bij proceswijzigingen. |
10. Reserveonderdelen & Componenten
Het tijdig beschikbaar hebben van de juiste reserveonderdelen is cruciaal voor een snelle oplossing en om stilstand te minimaliseren. UNITEC-D GmbH biedt een breed scala aan kwaliteitsonderdelen die voldoen aan CE, ATEX (indien van toepassing) en TÜV-normen.
| Onderdeelomschrijving | Specificatie | Wanneer te Vervangen | UNITEC Categorie |
| Kogellagers | SKF, FAG, Timken (type, serie) | Bij defect, na x-bedrijfsuren (preventief), bij revisie. | Aandrijftechniek > Lagers |
| Rollenlagers | SKF, FAG, Timken (type, serie) | Bij defect, na x-bedrijfsuren (preventief), bij revisie. | Aandrijftechniek > Lagers |
| Koppelingen (elastisch) | Flender, KTR, Renold (type, maat) | Bij slijtage, overmatige trilling, na x-bedrijfsuren. | Aandrijftechniek > Koppelingen |
| Koppelingen (star) | Flender, KTR, Renold (type, maat) | Bij beschadiging, scheurvorming. | Aandrijftechniek > Koppelingen |
| Oliekeerringen / Afdichtingen | FKM, NBR (afmeting, type) | Preventief bij lagervervanging, bij lekkage. | Afdichtingen > Oliekeerringen |
| Precisie vulplaatjes (shims) | Roestvrij staal (dikte, afmeting) | Voor uitlijningscorrecties, altijd voorraad hebben. | Gereedschappen > Uitlijnen |
| Ankerbouten / Bevestigingsmateriaal | ISO 4017 (sterkteklasse, afmeting) | Bij beschadiging, corrosie, bij demontage. | Bevestigingsmaterialen > Bouten/Moeren |
| Vet / Smeermiddelen | Specifiek type (viscositeit, toepassing) | Volgens smeerschema, bij navulling. | Smeermiddelen > Vetten/Oliën |
| Motoronderdelen (indien herstelbaar) | Rotorstaven, wikkelingen, koolborstels. | Bij elektrisch defect. | Elektrische Componenten > Motoren |
| Pompwaaier | Materiaal, diameter, aantal schoepen. | Bij erosie, cavitatieschade, onbalans. | Pomponderdelen > Waaiers |
Bezoek onze e-catalogus voor de volledige reeks reserveonderdelen: www.unitecd.com/e-catalog/
11. Referenties
- NEN 3140: Bedrijfsvoering van elektrische installaties – Veiligheidseisen.
- EN ISO 10816-3: Mechanische trillingen – Evaluatie van machinatrillingen door metingen aan niet-roterende delen.
- EN ISO 10816-6: Mechanische trillingen – Evaluatie van machinatrillingen door metingen aan niet-roterende delen – Grote machines met nominaal vermogen boven 15 kW bij bedrijfssnelheden tussen 120 r/min en 15 000 r/min.
- EN ISO 14224: Petroleum, petrochemische en aardgasindustrieën – Verzameling en uitwisseling van betrouwbaarheids- en onderhoudsgegevens van apparatuur.
- ISO 6789: Momentsleutels en momentschroevendraaiers – Eisen en beproevingsmethoden voor het controleren van de constructie voor conformiteit.
- OEM-troubleshooting manuals (specifiek voor de betreffende machine).
- UNITEC-D Interne Onderhoudsgidsen.